Laten knippen (sich die haare schneiden lassen)
Konjugation des laten knippen (lassen schneiden) für alle Zeitformen mit Beispielsätzen und Übungen.
Lernmaterialien, die dieses Verb implementieren:
| Infinitief |
Voltooid deelwoord |
| Laten knippen
(Lassen schneiden)
|
laten knippen
(haben schneiden lassen)
|
|
Aantonende wijs
|
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)
| (ik) laat knippen |
| (jij/je) laat knippen |
| (hij/zij/ze/het) laat knippen |
| (wij/we) laten knippen |
| (jullie) laten knippen |
| (zij/ze) laten knippen |
|
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
| (ik) liet knippen |
| (jij/je) liet knippen |
| (hij/zij/ze/het) liet knippen |
| (wij/we) lieten knippen |
| (jullie) lieten knippen |
| (zij/ze) lieten knippen |
|
Voltooid tegenwoordige tijd (VTT)
| (ik) heb laten knippen |
| (jij/je) hebt laten knippen |
| (hij/zij/ze/het) heeft laten knippen |
| (wij/we) hebben laten knippen |
| (jullie) hebben laten knippen |
| (zij/ze) hebben laten knippen |
|
Voltooid verleden tijd (VVT)
| (ik) heb laten knippen |
| (jij/je) hebt laten knippen |
| (hij/zij/ze/het) heeft laten knippen |
| (wij/we) hebben laten knippen |
| (jullie) hebben laten knippen |
| (zij/ze) hebben laten knippen |
|
Onvoltooid toekomende tijd (OTTk)
| (ik) zal laten knippen |
| (jij/je) zult laten knippen |
| (hij/zij/ze/het) zal laten knippen |
| (wij/we) zullen laten knippen |
| (jullie) zullen laten knippen |
| (zij/ze) zullen laten knippen |
|
Voltooid toekomende tijd (VTTk)
| (ik) zal hebben laten knippen |
| (jij/je) zal hebben laten knippen |
| (hij/zij/ze/het) zal hebben laten knippen |
| (wij/we) zullen hebben laten knippen |
| (jullie) zullen hebben laten knippen |
| (zij/ze) zullen hebben laten knippen |
|
|
Conditionele wijs
|
Conditionele Tegenwoordige Tijd (CTT)
| (ik) zou laten knippen |
| (jij/je) zou laten knippen |
| (hij/zij/ze/het) zou laten knippen |
| (wij/we) zouden laten knippen |
| (jullie) zouden laten knippen |
| (zij/ze) zouden laten knippen |
|
Conditionele Verleden Tijd (CVT)
| (ik) zou hebben laten knippen |
| (jij/je) zou hebben laten knippen |
| (hij/zij/ze/het) zou hebben laten knippen |
| (wij/we) zouden hebben laten knippen |
| (jullie) zouden hebben laten knippen |
| (zij/ze) zouden hebben laten knippen |
|
|
Imperatief (gebiedende wijs)
|
Gebiedende wijs
|