Visitar (bezoeken)

Visitar (bezoeken)

Leer het werkwoord "bezoeken" te vervoegen in het Spaans: imperfectum, aanvoegende wijs

Pretérito imperfecto, indicativo (Onvoltooid verleden tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Visitar (bezoeken)

(yo) visitaba
(tú) visitabas
(él/ella/usted) visitaba
(nosotros/nosotras) visitábamos
(vosotros/vosotras) visitabais
(ellos/ellas/ustedes) visitaban