Antwoorden (antworten)
Lerne, das Verb „antworten“ im Niederländischen zu konjugieren: Verlaufsform der Gegenwart, Indikativ.
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Präsens, indikativ)
Alle Konjugationen und Zeiten: Antwoorden (antworten)
Dingen vragen (Dinge fragen)
| Niederländisch |
|---|
| (ik) antwoord |
| (jij/je/u) antwoordt |
| (hij/zij/ze/het) antwoordt |
| (wij/we) antwoorden |
| (jullie) antwoorden |
| (zij/ze) antwoorden |