Moeten (müssen)

Moeten (müssen)

Lernen Sie, das Verb „Müssen" im Niederländischen zu konjugieren: Verlaufsform Präsens, Indikativ.

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Präsens, indikativ)

Alle Konjugationen und Zeiten: Moeten (müssen)

Koken en bakken (Kochen und Backen)

Niederländisch
(ik) moet
(jij/je/u) moet / moet
(hij/zij/ze/het) moet
(wij/we) moeten
(jullie) moeten
(zij/ze) moeten