Herken de woorden: duur, hoog, meter, kilometer, omhoog, basis, breed/breder, vierkante meter, te duur, groot.
Recognize the words: expensive, high, meter, kilometre, upwards, base, wide/wider, square metre, too expensive, large.

We bouwen in Nederland relatief laag tegenover de hoge gebouwen in andere landen.

1. In Nederland zijn er te weinig huizen. (In the Netherlands there are too few houses.) Show
2. De huizen zijn laag. (The houses are low.) Show
3. Er worden geen hoge wolkenkrabbers gebouwd. (No tall skyscrapers are being built.) Show
4. De Zalmhaven is de hoogste toren in Nederland. (The Zalmhaven is the tallest tower in the Netherlands.) Show
5. The Rise wordt een hoge toren van 275 meter. (The Rise will be a tall tower of 275 meters.) Show
6. In Saudi-Arabië komt een toren van 1000 meter. (In Saudi Arabia there will be a tower of 1000 meters.) Show
7. In Japan willen ze een toren van 4000 meter bouwen. (In Japan they want to build a tower of 4000 meters.) Show
8. Hoge gebouwen moeten een brede basis hebben. (Tall buildings must have a broad base.) Show
9. Die torens zijn heel zwaar. (Those towers are very heavy.) Show
10. Heel hoge torens zijn niet altijd veilig bij brand. (Very tall towers are not always safe in case of fire.) Show
11. Veel Nederlanders willen een laag en klein huis. (Many Dutch people want a low and small house.) Show
12. In Nederland zijn gewone huizen met een tuin normaal. (In the Netherlands ordinary houses with a garden are normal.) Show

Exercise 1: Discussion questions

Instruction: Discuss the questions after listening to the audio or reading through the text.

  1. Hoe hoog is de hoogste toren in Nederland?
  2. How tall is the tallest tower in the Netherlands?
  3. Hoe hoog is de hoogste toren ter wereld?
  4. How tall is the tallest tower in the world?
  5. Zijn er veel wolkenkrabbers in jouw land?
  6. Are there many skyscrapers in your country?
  7. Wat zijn de problemen als we hoger bouwen?
  8. What are the problems if we build higher?