Atterrare (landen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Vervoeging van atterrare (landen) voor alle werkwoordstijden met voorbeeldzinnen en oefeningen.

 Atterrare (landen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Leermaterialen die dit werkwoord implementeren:

Niveau: A2

Module 1: Viaggiare: nella natura! (Reizen: op avontuur!)

Les 4: All'aeroporto e sull'aereo. (Op het vliegveld en in het vliegtuig.)

Infinito Participio passato
Atterrare (landen) Atterrato (geland)

Werkwoordstijden

Indicativo

Presente 

Italiaans Nederlands

Imperfetto 

Italiaans Nederlands

Passato prossimo 

Italiaans Nederlands
(io) sono atterrato/atterrata ik ben geland
(tu) sei atterrato/atterrata jij bent geland
(lui/lei) è atterrato/atterrata hij/zij is geland
(noi) siamo atterrati/atterrate wij zijn geland
(voi) siete atterrati/atterrate jullie zijn geland
(loro) sono atterrati/atterrate zij zijn geland

Trapassato prossimo 

Italiaans Nederlands

Futuro semplice 

Italiaans Nederlands

Futuro anteriore 

Italiaans Nederlands

Condizionale

Condizionale presente 

Italiaans Nederlands

Condizionale passato 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo

Congiuntivo presente 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo passato 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo imperfetto 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo trapassato 

Italiaans Nederlands

Imperativo

Imperativo 

Italiaans Nederlands