Cambiarsi (zich omkleden) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Vervoeging van cambiarsi (zich omkleden) voor alle werkwoordstijden met voorbeeldzinnen en oefeningen.

 Cambiarsi (zich omkleden) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Leermaterialen die dit werkwoord implementeren:

Niveau: A2

Module 4: Stile di vita (Levensstijl)

Les 27: Stili d'abbigliamento e moda (Kledingstijlen en mode)

Infinito Participio passato
Cambiarsi (zich omkleden) cambiato (veranderd)

Werkwoordstijden

Indicativo

Presente 

Italiaans Nederlands

Imperfetto 

Italiaans Nederlands

Passato prossimo 

Italiaans Nederlands
si è cambiato/si è cambiata hij/zij heeft zich omgekleed

Trapassato prossimo 

Italiaans Nederlands

Futuro semplice 

Italiaans Nederlands

Futuro anteriore 

Italiaans Nederlands

Condizionale

Condizionale presente 

Italiaans Nederlands

Condizionale passato 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo

Congiuntivo presente 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo passato 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo imperfetto 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo trapassato 

Italiaans Nederlands

Imperativo

Imperativo 

Italiaans Nederlands