A2.27 - Kledingstijlen en mode
Haal je boekParla del tuo outfit preferito.
Descrivi il tuo abbigliamento e il tuo stile.
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.
Francesco en Giulia moeten deelnemen aan het bedrijfsdiner. Francesco weet niet wat hij aan moet trekken en vraagt Giulia om advies.
De plaatsaanduidingen in het Italiaans zijn: 'accanto', 'davanti', 'dentro', ...
Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.