Delegare (delegeren) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Vervoeging van delegare (delegeren) voor alle werkwoordstijden met voorbeeldzinnen en oefeningen.

 Delegare (delegeren) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Leermaterialen die dit werkwoord implementeren:

Niveau: A2

Module 6: Al lavoro (Op het werk)

Les 42: Organizzazione e delegazione (Organisatie en delegatie)

Infinito Participio passato
Delegare (delegeren) Delegato (gedelegeerde)

Werkwoordstijden

Indicativo

Presente 

Italiaans Nederlands
(io) delego ik delegeren
(tu) delegi jij delegeert
(lui/lei) delega hij/zij delegeert
(noi) delegiamo wij delegeren
(voi) delegate jullie delegeren
(loro) delegano zij delegeren

Imperfetto 

Italiaans Nederlands

Passato prossimo 

Italiaans Nederlands

Trapassato prossimo 

Italiaans Nederlands

Futuro semplice 

Italiaans Nederlands

Futuro anteriore 

Italiaans Nederlands

Condizionale

Condizionale presente 

Italiaans Nederlands

Condizionale passato 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo

Congiuntivo presente 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo passato 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo imperfetto 

Italiaans Nederlands

Congiuntivo trapassato 

Italiaans Nederlands

Imperativo

Imperativo 

Italiaans Nederlands