Bewonderen (bewonderen)

Vervoeging van bewonderen (bewonderen) voor alle werkwoordstijden met voorbeeldzinnen en oefeningen.

Bewonderen (bewonderen)

Leermaterialen die dit werkwoord implementeren:

Categorie: a2

Module 3: Weekendplannen (Weekendplannen)

Les 20: Familie-uitje naar de dierentuin (Familie-uitje naar de dierentuin)

Infinitief Voltooid deelwoord
Bewonderen (Bewonderen) Bewonderd (Bewonderd)

Werkwoordsvormen

Aantonende wijs

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT) 

Nederlands
(ik) bewonder
(jij/je/u) bewondert/bewonder
(hij/zij/ze/het) bewondert
(wij/we) bewonderen
(jullie) bewonderen
(zij/ze) bewonderen

Onvoltooid verleden tijd (OVT) 

Nederlands
(ik) bewonderde
(jij/je/u) bewonderde/bewonderdest
(hij/zij/ze/het) bewonderde
(wij/we) bewonderden
(jullie) bewonderden
(zij/ze) bewonderden

Voltooid tegenwoordige tijd (VTT) 

Nederlands
(ik) heb bewonderd
(jij/je/u) hebt bewonderd / hebt bewonderd
(hij/zij/ze/het) heeft bewonderd
(wij/we) hebben bewonderd
(jullie) hebben bewonderd
(zij/ze) hebben bewonderd

Voltooid verleden tijd (VVT) 

Nederlands
(ik) heb bewonderd
(jij/je/u) hebt bewonderd / hebt bewonderd
(hij/zij/ze/het) heeft bewonderd
(wij/we) hebben bewonderd
(jullie) hebben bewonderd
(zij/ze) hebben bewonderd

Onvoltooid toekomende tijd (OTTk) 

Nederlands
(ik) zal bewonderen
(jij/je/u) zal bewonderen / zult bewonderen
(hij/zij/ze/het) zal bewonderen
(wij/we) zullen bewonderen
(jullie) zullen bewonderen
(zij/ze) zullen bewonderen

Voltooid toekomende tijd (VTTk) 

Nederlands
(ik) zal bewonderd hebben
(jij/je/u) zal/zult bewonderd hebben
(hij/zij/ze/het) zal bewonderd hebben
(wij/we) zullen bewonderd hebben
(jullie) zullen bewonderd hebben
(zij/ze) zullen bewonderd hebben
Conditionele wijs

Conditionele Tegenwoordige Tijd (CTT) 

Nederlands
ik zou bewonderen
(jij/je/u) jij zou bewonderen
(hij/zij/ze/het) hij/zij/het zou bewonderen
(wij/we) wij zouden bewonderen
jullie zouden bewonderen
(zij/ze) zij zouden bewonderen

Conditionele Verleden Tijd (CVT) 

Nederlands
ik zou bewonderd hebben
(jij/je/u) jij zou bewonderd hebben / zou jij bewonderd hebben
(hij/zij/ze/het) hij/zij/het zou bewonderd hebben
(wij/we) wij zouden bewonderd hebben
jullie zouden bewonderd hebben
(zij/ze) zij zouden bewonderd hebben
Imperatief (gebiedende wijs)

Gebiedende wijs 

Nederlands
Bewonder!