A2.20 - Gezinsuitje naar de dierentuin
Haal je boekBeschrijf verschillende landschappen en dieren.
Organiseer een familieactiviteit in een attractiepark.
Leer over beroemde dierentuinen of wildgebieden in jouw gastland
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.
Onbepaalde voornaamwoorden verwijzen naar personen of zaken zoals iemand, niets, alle, zonder specifiek te zijn.
Aanwijzende voornaamwoorden kan je zowel bijvoeglijk als zelfstandig gebruiken.
Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.