Huren (huren) - Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs) Delen Gekopieerd!

Huren - Vervoeging van Huren in het Nederlands: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de onvoltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs).
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Huren (huren) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Lesprogramma: Nederlandse les - Huisvesting en accommodatie (Huisvesting en accommodatie)
Vervoeging van huren in de Onvoltooid Tegenwoordige Tijd (OTT)
Nederlands | Nederlands |
---|---|
(ik) huur | (ik) huur |
(jij) huurt/huur | (jij) huurt/huur |
(hij/zij/het) huurt | (hij/zij/het) huurt |
(wij) huren | (wij) huren |
(jullie) huren | (jullie) huren |
(zij) huren | (zij) huren |
Voorbeeldzinnen
Nederlands | Nederlands |
---|---|
Ik huur een appartement in de stad. | Ik huur een appartement in de stad. |
Huur jij de kamer bij de eigenaar? | Huur jij de kamer bij de eigenaar? |
Hij huurt een loft met zijn vrienden. | Hij huurt een loft met zijn vrienden. |
Wij huren een huis met vier slaapkamers. | Wij huren een huis met vier slaapkamers. |
Jullie huren die villa voor het weekend. | Jullie huren die villa voor het weekend. |
Zij huren het rijhuis naast de supermarkt. | Zij huren het rijhuis naast de supermarkt. |