Zich ontfermen over (zich ontfermen over)

Vervoeging van zich ontfermen over (zich ontfermen over) voor alle werkwoordstijden met voorbeeldzinnen en oefeningen.

Zich ontfermen over (zich ontfermen over)

Leermaterialen die dit werkwoord implementeren:

Infinitief Voltooid deelwoord
Zich ontfermen over (Zich ontfermen over) ontfermd (ontfermd)

Werkwoordsvormen

Aantonende wijs

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT) 

(ik) ontferm me over
(jij/je) ontferm je over
(hij/zij/ze/het) ontfermt zich over
(wij/we) ontfermen ons over
(jullie) ontfermen jullie over
(zij/ze) ontfermen zich over

Onvoltooid verleden tijd (OVT) 

(ik) ontfermde me over
(jij/je) ontfermde je over
(hij/zij/ze/het) ontfermde zich over
(wij/we) ontfermden ons over
(jullie) ontfermden jullie over
(zij/ze) ontfermden zich over

Voltooid tegenwoordige tijd (VTT) 

(ik) heb me ontfermd over
(jij/je) hebt je ontfermd over
(hij/zij/ze/het) heeft zich ontfermd over
(wij/we) hebben ons ontfermd over
(jullie) hebben je ontfermd over
(zij/ze) hebben zich ontfermd over

Voltooid verleden tijd (VVT) 

(ik) heb me ontfermd over
(jij/je) hebt je ontfermd over
(hij/zij/ze/het) heeft zich ontfermd over
(wij/we) hebben ons ontfermd over
(jullie) hebben jullie ontfermd over
(zij/ze) hebben zich ontfermd over

Onvoltooid toekomende tijd (OTTk) 

(ik) zal me ontfermen over
(jij/je) zult je ontfermen over
(hij/zij/ze/het) zal zich ontfermen over
(wij/we) zullen ons ontfermen over
(jullie) zullen je ontfermen over
(zij/ze) zullen zich ontfermen over

Voltooid toekomende tijd (VTTk) 

(ik) zal zich ontfermd hebben over
(jij/je) zal zich ontfermd hebben over
(hij/zij/ze/het) zal zich ontfermd hebben over
(wij/we) zullen zich ontfermd hebben over
(jullie) zullen zich ontfermd hebben over
(zij/ze) zullen zich ontfermd hebben over
Conditionele wijs

Conditionele Tegenwoordige Tijd (CTT) 

(ik) zou me ontfermen over
(jij/je) zou je ontfermen over
(hij/zij/ze/het) zou zich ontfermen over
(wij/we) zouden ons ontfermen over
(jullie) zouden je ontfermen over
(zij/ze) zouden zich ontfermen over

Conditionele Verleden Tijd (CVT) 

(ik) zou me over ontfermd hebben
(jij/je) zou je over ontfermd hebben
(hij/zij/ze/het) zou zich over ontfermd hebben
(wij/we) zouden ons over ontfermd hebben
(jullie) zouden je over ontfermd hebben
(zij/ze) zouden zich over ontfermd hebben
Imperatief (gebiedende wijs)

Gebiedende wijs 

Ontferm je over!