Zich ontfermen over (s'occuper de)
Conjugaison de zich ontfermen over (s’occuper de) pour tous les temps verbaux avec des phrases d'exemple et des exercices.
Matériel d'apprentissage qui met en œuvre ce verbe:
| Infinitief |
Voltooid deelwoord |
| Zich ontfermen over
(s’occuper de)
|
ontfermd
(pris en charge)
|
Temps de verbe
|
Aantonende wijs
|
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)
| (ik) ontferm me over |
| (jij/je) ontferm je over |
| (hij/zij/ze/het) ontfermt zich over |
| (wij/we) ontfermen ons over |
| (jullie) ontfermen jullie over |
| (zij/ze) ontfermen zich over |
|
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
| (ik) ontfermde me over |
| (jij/je) ontfermde je over |
| (hij/zij/ze/het) ontfermde zich over |
| (wij/we) ontfermden ons over |
| (jullie) ontfermden jullie over |
| (zij/ze) ontfermden zich over |
|
Voltooid tegenwoordige tijd (VTT)
| (ik) heb me ontfermd over |
| (jij/je) hebt je ontfermd over |
| (hij/zij/ze/het) heeft zich ontfermd over |
| (wij/we) hebben ons ontfermd over |
| (jullie) hebben je ontfermd over |
| (zij/ze) hebben zich ontfermd over |
|
Voltooid verleden tijd (VVT)
| (ik) heb me ontfermd over |
| (jij/je) hebt je ontfermd over |
| (hij/zij/ze/het) heeft zich ontfermd over |
| (wij/we) hebben ons ontfermd over |
| (jullie) hebben jullie ontfermd over |
| (zij/ze) hebben zich ontfermd over |
|
Onvoltooid toekomende tijd (OTTk)
| (ik) zal me ontfermen over |
| (jij/je) zult je ontfermen over |
| (hij/zij/ze/het) zal zich ontfermen over |
| (wij/we) zullen ons ontfermen over |
| (jullie) zullen je ontfermen over |
| (zij/ze) zullen zich ontfermen over |
|
Voltooid toekomende tijd (VTTk)
| (ik) zal zich ontfermd hebben over |
| (jij/je) zal zich ontfermd hebben over |
| (hij/zij/ze/het) zal zich ontfermd hebben over |
| (wij/we) zullen zich ontfermd hebben over |
| (jullie) zullen zich ontfermd hebben over |
| (zij/ze) zullen zich ontfermd hebben over |
|
|
Conditionele wijs
|
Conditionele Tegenwoordige Tijd (CTT)
| (ik) zou me ontfermen over |
| (jij/je) zou je ontfermen over |
| (hij/zij/ze/het) zou zich ontfermen over |
| (wij/we) zouden ons ontfermen over |
| (jullie) zouden je ontfermen over |
| (zij/ze) zouden zich ontfermen over |
|
Conditionele Verleden Tijd (CVT)
| (ik) zou me over ontfermd hebben |
| (jij/je) zou je over ontfermd hebben |
| (hij/zij/ze/het) zou zich over ontfermd hebben |
| (wij/we) zouden ons over ontfermd hebben |
| (jullie) zouden je over ontfermd hebben |
| (zij/ze) zouden zich over ontfermd hebben |
|
|
Imperatief (gebiedende wijs)
|
Gebiedende wijs
|