Acabar (beëindigen)

Acabar (beëindigen)

Leer het werkwoord "beëindigen" te vervoegen in het Spaans: tegenwoordige verleden tijd, aantonende wijs

Pretérito indefinido, indicativo (Onvoltooid verleden tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Acabar (beëindigen)

Tener una cita (Daten)

Spaans
(yo) acabé
(tú) acabaste
(él/ella/usted) acabó
(nosotros/nosotras) acabamos
(vosotros/vosotras) acabasteis
(ellos/ellas/ustedes) acabaron