Llegar (aankomen)

Llegar (aankomen)

Leer het werkwoord "Aankomen" te vervoegen in het Spaans: present perfect, indicatief.

Pretérito perfecto, indicativo (Voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Llegar (aankomen)

Decir la hora y leer el reloj. (Hoe laat is het? De klok lezen.)

Spaans
(yo) he llegado
(tú) has llegado
(él/ella/usted) ha llegado
(nosotros/nosotras) hemos llegado
(vosotros/vosotras) habéis llegado
(ellos/ellas/ustedes) han llegado