Trabajar (werken)

Trabajar (werken)

Leer het werkwoord „werken” te vervoegen in het Spaans: gebiedende wijs, gebiedende wijs (tegenwoordige tijd)

Imperativo, imperativo (Imperatief, imperatief)

Alle vervoegingen en tijden: Trabajar (werken)

¡Trabaja!
¡Trabaje!
¡Trabajemos!
¡Trabajad!
¡Trabajen!