Snijden (schneiden) - Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Präsens, indikativ) Teilen Kopiert!

Snijden - Konjugation von Schneiden auf Niederländisch: Konjugationstabelle, Beispiele und Übungen im Präsens der Verlaufsform, Indikativstimmung (Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs).
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Präsens, indikativ)
Alle Konjugationen und Zeiten: Snijden (schneiden) - Verbkonjugation und Übungen
Lehrplan: Niederländischunterricht - Koken en bakken (Kochen und Backen)
Konjugation von schneiden im Präsens
Niederländisch | Deutsch |
---|---|
(ik) snijd | ich schneide |
(jij) snijdt/snij | du schneidest/schneid |
(hij/zij/het) snijdt | er/sie/es schneidet |
(wij) snijden | wir schneiden |
(jullie) snijden | ihr schneidet |
(zij) snijden | sie schneiden |
Beispielsätze
Niederländisch | Deutsch |
---|---|
Ik snijd het brood met het mes. | Ich schneide das Brot mit dem Messer. |
Snijd jij het vlees voor op het bord? | Schneidest du das Fleisch für auf den Teller? |
Hij snijdt de tomaat voor de salade. | Er schneidet die Tomate für den Salat. |
Wij snijden groenten voor de soep. | Wir schneiden Gemüse für die Suppe. |
Jullie snijden het brood voor het ontbijt. | Ihr schneidet das Brot für das Frühstück. |
Zij snijden het vlees voor gasten. | Sie schneiden das Fleisch für Gäste. |