Snijden (snijden)

Snijden (snijden)

Leer het werkwoord "snijden" te vervoegen in het Nederlands: tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Snijden (snijden)

Koken en bakken (Koken en bakken)

Nederlands
(ik) snijd
(jij/je) snijdt/snij
(hij/zij/ze/het) snijdt
(wij/we) snijden
(jullie) snijden
(zij/ze) snijden