Zich hoeden voor (faire attention à)
Conjugaison de zich hoeden voor (se méfier de) pour tous les temps verbaux avec des phrases d'exemple et des exercices.
Matériel d'apprentissage qui met en œuvre ce verbe:
| Infinitief |
Voltooid deelwoord |
| Zich hoeden voor
(Se méfier de)
|
zich gehoed voor
(s'être gardé)
|
Temps de verbe
|
Aantonende wijs
|
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)
| (ik) hoed me voor |
| (jij/je) hoed je voor |
| (hij/zij/ze/het) hoedt zich voor |
| (wij/we) hoeden ons voor |
| (jullie) hoeden je voor |
| (zij/ze) hoeden zich voor |
|
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
| (ik) hoedde me voor |
| (jij/je) hoedde je voor |
| (hij/zij/ze/het) hoedde zich voor |
| (wij/we) hoedden ons voor |
| (jullie) hoedden je voor |
| (zij/ze) hoedden zich voor |
|
Voltooid tegenwoordige tijd (VTT)
| (ik) heb me gehoed voor |
| (jij/je) hebt je gehoed voor |
| (hij/zij/ze/het) heeft zich gehoed voor |
| (wij/we) hebben ons gehoed voor |
| (jullie) hebben je gehoed voor |
| (zij/ze) hebben zich gehoed voor |
|
Voltooid verleden tijd (VVT)
| (ik) heb me gehoed voor |
| (jij/je) hebt je gehoed voor |
| (hij/zij/ze/het) heeft zich gehoed voor |
| (wij/we) hebben ons gehoed voor |
| (jullie) hebben je gehoed voor |
| (zij/ze) hebben zich gehoed voor |
|
Onvoltooid toekomende tijd (OTTk)
| (ik) zal me hoeden voor |
| (jij/je) zal je hoeden voor |
| (hij/zij/ze/het) zal zich hoeden voor |
| (wij/we) zullen ons hoeden voor |
| (jullie) zullen je hoeden voor |
| (zij/ze) zullen zich hoeden voor |
|
Voltooid toekomende tijd (VTTk)
| (ik) zal zich gehoed hebben voor |
| (jij/je) zal zich gehoed hebben voor |
| (hij/zij/ze/het) zal zich gehoed hebben voor |
| (wij/we) zullen zich gehoed hebben voor |
| (jullie) zullen zich gehoed hebben voor |
| (zij/ze) zullen zich gehoed hebben voor |
|
|
Conditionele wijs
|
Conditionele Tegenwoordige Tijd (CTT)
| (ik) zou me hoeden voor |
| (jij/je) zou je hoeden voor |
| (hij/zij/ze/het) zou zich hoeden voor |
| (wij/we) zouden ons hoeden voor |
| (jullie) zouden je hoeden voor |
| (zij/ze) zouden zich hoeden voor |
|
Conditionele Verleden Tijd (CVT)
| (ik) zou me gehoed hebben voor |
| (jij/je) zou je gehoed hebben voor |
| (hij/zij/ze/het) zou zich gehoed hebben voor |
| (wij/we) zouden ons gehoed hebben voor |
| (jullie) zouden je gehoed hebben voor |
| (zij/ze) zouden zich gehoed hebben voor |
|
|
Imperatief (gebiedende wijs)
|
Gebiedende wijs
|