Convincere (overtuigen) - Passato prossimo, indicativo (Perfectum, aantonende wijs)

 Convincere (overtuigen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Convincere - Stoof van overtuigen in het Italiaans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs (Passato prossimo, indicativo).

Passato prossimo, indicativo (Perfectum, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Convincere (overtuigen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Syllabus: Italiaanse les - Opinioni e trattative (Meningen en onderhandelingen)

Vervoeging van overtuigen in passato prossimo

Italiaans Nederlands
(io) ho convinto ik heb overtuigd
(tu) hai convinto jij hebt overtuigd
(lui/lei) ha convinto hij/zij heeft overtuigd
(noi) abbiamo convinto wij hebben overtuigd
(voi) avete convinto jullie hebben overtuigd
(loro) hanno convinto zij hebben overtuigd

Voorbeeldzinnen

Italiaans Nederlands
Ho convinto tutti nella discussione di oggi. Ik heb iedereen overtuigd in de discussie van vandaag.
Hai convinto il collega con una controfferta forte. Jij hebt de collega overtuigd met een sterk tegenbod.
Ha convinto il leader a trovare un compromesso. Hij heeft de leider overtuigd om een compromis te vinden.
Abbiamo convinto il gruppo a condividere un'idea. Wij hebben de groep overtuigd om een idee te delen.
Avete convinto il cliente durante la negoziazione. Jullie hebben de klant overtuigd tijdens de onderhandeling.
Hanno convinto tutti con un discorso persuasivo. Zij hebben iedereen overtuigd met een overtuigende toespraak.