Trasferire (overmaken) - Passato prossimo, indicativo (Perfectum, aantonende wijs)

 Trasferire (overmaken) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Trasferire - Vervoeging van overmaken in het Italiaans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de voltooid tegenwoordige tijd, indicatief (Passato prossimo, indicativo).

Passato prossimo, indicativo (Perfectum, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Trasferire (overmaken) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Syllabus: Italiaanse les - In banca (Bij de bank)

Vervoeging van overmaken in passato prossimo

Italiaans Nederlands
(io) ho trasferito ik heb overgemaakt
(tu) hai trasferito jij hebt overgemaakt
(lui/lei) ha trasferito hij/zij heeft overgemaakt
(noi) abbiamo trasferito wij hebben overgemaakt
(voi) avete trasferito jullie hebben overgemaakt
(loro) hanno trasferito zij hebben overgemaakt

Voorbeeldzinnen

Italiaans Nederlands
Ho trasferito i soldi dal conto corrente. Ik heb het geld van de betaalrekening overgemaakt.
Hai trasferito l'assegno alla banca ieri? Heb jij de cheque gisteren naar de bank overgemaakt?
Ha trasferito il prestito sul nuovo conto bancario. Hij heeft de lening overgemaakt naar de nieuwe bankrekening.
Abbiamo trasferito il denaro con la carta di credito. Wij hebben het geld overgemaakt met de creditcard.
Avete trasferito il pagamento elettronico correttamente? Hebben jullie de elektronische betaling correct overgemaakt?
Hanno trasferito i fondi usando il bancomat. Zij hebben de fondsen overgemaakt met de pinpas.