Blijven (blijven)

Blijven (blijven)

Leer het werkwoord "blijven" te vervoegen in het Nederlands: onvoltooid tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs.

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Blijven (blijven)

Jouw huisdieren (Jouw huisdieren)

Nederlands
(ik) blijf
(jij/je/u) blijf/blijft
(hij/zij/ze/het) blijft
(wij/we) blijven
(jullie) blijven
(zij/ze) blijven