Uitzetten (uitzetten)

Vervoeging van uitzetten (uitzetten) voor alle werkwoordstijden met voorbeeldzinnen en oefeningen.

Uitzetten (uitzetten)

Leermaterialen die dit werkwoord implementeren:

Categorie: a1

Module 5: Thuis (Thuis)

Les 34: Huishoudelijke apparaten (Huishoudelijke apparaten)

Infinitief Voltooid deelwoord
Uitzetten (Uitzetten) Uitgezet (Uitgezet)

Werkwoordsvormen

Aantonende wijs

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT) 

Nederlands
(ik) zet uit
(jij/je/u) zet uit
(hij/zij/ze/het) zet uit
(wij/we) zetten uit
(jullie) zetten uit
(zij/ze) zetten uit

Onvoltooid verleden tijd (OVT) 

Nederlands
(ik) zette uit
(jij/je/u) zette uit
(hij/zij/ze/het) zette uit
(wij/we) zetten uit
(jullie) zetten uit
(zij/ze) zetten uit

Voltooid tegenwoordige tijd (VTT) 

Nederlands
(ik) heb uitgezet
(jij/je/u) hebt/zet uitgezet
(hij/zij/ze/het) heeft uitgezet
(wij/we) hebben uitgezet
(jullie) hebben uitgezet
(zij/ze) hebben uitgezet

Voltooid verleden tijd (VVT) 

Nederlands
(ik) heb uitgezet
(jij/je/u) hebt/heb uitgezet
(hij/zij/ze/het) heeft uitgezet
(wij/we) hebben uitgezet
(jullie) hebben uitgezet
(zij/ze) hebben uitgezet

Onvoltooid toekomende tijd (OTTk) 

Nederlands
(ik) zal uitzetten
(jij/je/u) zal uitzetten
(hij/zij/ze/het) zal uitzetten
(wij/we) zullen uitzetten
(jullie) zullen uitzetten
(zij/ze) zullen uitzetten

Voltooid toekomende tijd (VTTk) 

Nederlands
(ik) zal hebben uitgezet
(jij/je/u) zult/zal hebben uitgezet
(hij/zij/ze/het) zal hebben uitgezet
(wij/we) zullen hebben uitgezet
(jullie) zullen hebben uitgezet
(zij/ze) zullen hebben uitgezet
Conditionele wijs

Conditionele Tegenwoordige Tijd (CTT) 

Nederlands
(ik) zou uitzetten
(jij/je/u) zou uitzetten
(hij/zij/ze/het) zou uitzetten
(wij/we) zouden uitzetten
(jullie) zouden uitzetten
(zij/ze) zouden uitzetten

Conditionele Verleden Tijd (CVT) 

Nederlands
(ik) zou hebben uitgezet
(jij/je/u) zou hebben uitgezet
(hij/zij/ze/het) zou hebben uitgezet
(wij/we) zouden hebben uitgezet
(jullie) zouden hebben uitgezet
(zij/ze) zouden hebben uitgezet
Imperatief (gebiedende wijs)

Gebiedende wijs 

Nederlands
Zet uit!