Winkelen (winkelen)
Leer het werkwoord "Winkelen" te vervoegen in de tegenwoordige tijd, aantonende wijs.
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Winkelen (winkelen)
Boodschappen doen (Boodschappen doen)
| Nederlands |
|---|
| (ik) winkel |
| (jij/je/u) winkelt |
| (hij/zij/ze/het) winkelt |
| (wij/we) winkelen |
| (jullie) winkelen |
| (zij/ze) winkelen |