Zich vervelen (zich vervelen)

Zich vervelen (zich vervelen)

Leer het werkwoord "zich vervelen" te vervoegen in het Nederlands: tegenwoordige tijd, indicatieve wijs

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Zich vervelen (zich vervelen)

Met pensioen gaan (Met pensioen gaan)

(ik) verveel me
(jij/je) verveelt je
(hij/zij/ze/het) verveelt zich
(wij/we) vervelen ons
(jullie) vervelen je
(zij/ze) vervelen zich