Pytać (vragen)
Leer het werkwoord "vragen" te vervoegen in het Pools: tegenwoordige tijd, aantonende wijs.
Czas teraźniejszy, tryb oznajmujący (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Pytać (vragen)
Pytanie o rzeczy (Dingen vragen)
| Pools |
|---|
| (ja) pytam |
| (ty) pytasz |
| (on/ona/ono) pyta |
| (my) pytamy |
| (wy) pytacie |
| (oni/one) pytają |