Skręcać (draaien)
Leer het werkwoord "draaien" te vervoegen in het Pools: tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Czas teraźniejszy, tryb oznajmujący (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Skręcać (draaien)
Pytanie o drogę (Routebeschrijving vragen en geven)
| Pools |
|---|
| (ja) skręcam |
| (ty) skręcasz |
| (on/ona/ono) skręca |
| (my) skręcamy |
| (wy) skręcacie |
| (oni/one) skręcają |