Studiować (studeren)

Studiować (studeren)

Leer het werkwoord "studeren" te vervoegen in het Pools: tegenwoordige tijd, aantonende wijs.

Czas teraźniejszy, tryb oznajmujący (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Studiować (studeren)

Zawody i studia (Beroepen en studies)

Pools
(ja) studiuję
(ty) studiujesz
(on/ona/ono) studiuje
(my) studiujemy
(wy) studiujecie
(oni/one) studiują