Empezar (beginnen) - Futuro simple, indicativo (Toekomende tijd, aantonende wijs)

 Empezar (beginnen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Empezar - Vervoeging van beginnen in het Spaans: Vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de toekomende tijd, indicatieve wijs (Futuro simple, indicativo).

Futuro simple, indicativo (Toekomende tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Empezar (beginnen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Lesprogramma: Spaanse les - Fechas del calendario y días festivos. (Kalenderdata en feestdagen)

Vervoeging van beginnen in de Futuro simple

Spaans Nederlands
(yo) empezaré ik zal beginnen
(tú) empezarás jij zult beginnen
(él/ella) empezará hij/zij zal beginnen
(nosotros/nosotras) empezaremos wij zullen beginnen
(vosotros/vosotras) empezaréis jullie zullen beginnen
(ellos/ellas) empezarán zij zullen beginnen

Voorbeeldzinnen

Spaans Nederlands
Empezaré el negocio con una buena idea. Ik zal het bedrijf beginnen met een goed idee.
Empezarás a organizar reuniones pronto. Je zult binnenkort vergaderingen gaan organiseren.
Él empezará a pagar el impuesto mensual. Hij zal de maandelijkse belasting gaan betalen.
Empezaremos a cumplir deseos del cliente. We zullen beginnen met het vervullen van de wensen van de klant.
Empezaréis la gestoría la próxima semana. Jullie zullen het administratiekantoor volgende week beginnen.
Ellos empezarán a montar un negocio juntos. Zij zullen samen een bedrijf beginnen.