Estar (zijn)

Estar (zijn)

Leer het werkwoord "zijn" vervoegen in het Spaans: onvoltooid verleden tijd, aantonende wijs

Pretérito imperfecto, indicativo (Onvoltooid verleden tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Estar (zijn)

Saludos y despedidas (Groeten en afscheid)

Spaans
(yo) estaba
(tú) estabas
(él/ella/usted) estaba
(nosotros/nosotras) estábamos
(vosotros/vosotras) estabais
(ellos/ellas/ustedes) estaban