Marcharse (vertrekken)

Marcharse (vertrekken)

Leer het werkwoord "vertrekken" te vervoegen in het Spaans: aanvoegende wijs tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs tijd

Subjuntivo presente, subjuntivo (Aanvoegende wijs tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Marcharse (vertrekken)

Organizing a long distance travel (Organizing a long distance travel)

Spaans
(yo) me marche
(tú) te marches
(él/ella/usted) se marche
(nosotros/nosotras) nos marchemos
(vosotros/vosotras) os marchéis
(ellos/ellas/ustedes) se marchen