Quedar (afspreken)
Leer het werkwoord "Afspreken" te vervoegen in het Spaans: tegenwoordige tijd, indicatief.
Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Quedar (afspreken)
Días de la semana y partes del día. (Dagen van de week en dagdelen)
| Spaans |
|---|
| (yo) quedo |
| (tú) quedas |
| (él/ella/usted) queda |
| (nosotros/nosotras) quedamos |
| (vosotros/vosotras) quedáis |
| (ellos/ellas/ustedes) quedan |