Regar (sproeien) - Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs) Delen Gekopieerd!

Regar - Vervoeging van sproeien in het Spaans: Vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de tegenwoordige, indicatieve tijd (Presente, indicativo).
Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Regar (sproeien) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Lesprogramma: Spaanse les - Plantas de interior y de jardín (Kamerplanten en tuinplanten)
Vervoeging van regar in de tegenwoordige tijd
Spaans | Nederlands |
---|---|
(yo) riego | ik sproei |
(tú) riegas | jij sproeit |
(él/ella) riega | hij/zij sproeit |
(nosotros/nosotras) regamos | wij sproeien |
(vosotros/vosotras) regáis | jullie sproeien |
(ellos/ellas) riegan | zij sproeien |
Voorbeeldzinnen
Spaans | Nederlands |
---|---|
Yo riego la planta todas las mañanas. | Ik geef elke ochtend water aan de plant. |
Tú riegas el césped en el jardín. | Jij geeft het gras in de tuin water. |
Él riega la rosa con cuidado. | Hij geeft de roos voorzichtig water. |
Nosotros regamos las flores del patio. | Wij geven de bloemen van de tuin water. |
Vosotros regáis el árbol después de sembrar. | Jullie geven de boom water nadat jullie hem hebben geplant. |
Ellos riegan la margarita para que crezca. | Zij geven de margriet water zodat hij groeit. |