Aandoen (put on)
Learn to conjugate the verb "put on" in Dutch: present perfect tense, indicative mood tense
Voltooid tegenwoordige tijd (VTT), aantonende wijs (Present perfect tense, indicative mood)
All conjugations and tenses: Aandoen (put on)
Kledingstijlen en mode (Clothing styles and fashion)
| Dutch |
|---|
| ik heb aangedaan |
| (jij/je/u) jij hebt aangedaan / heb jij aangedaan |
| (hij/zij/ze/het) hij/zij/het heeft aangedaan |
| (wij/we) wij hebben aangedaan |
| jullie hebben aangedaan |
| (zij/ze) zij hebben aangedaan |