Frans A2 module 5: Ménage quotidien (Dagelijks huishouden)

Dit is leer module 5 van 6 van ons Franse A2-syllabus. Elke leer module bevat 6 tot 8 hoofdstukken.

Leerdoelen:

  • Alles over basis huishoudelijke situaties.
  • Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd.

Woordenlijst (119)

Kernwoordenschat (120): Werkwoorden: 16, Bijvoeglijke naamwoorden: 13, Zelfstandige naamwoorden: 64, Zinnen / woordcombinatie: 27
Contextwoordenschat: -1

Frans Nederlands
Adorer Dol zijn op
Ambitieux Ambitieus
Avoir des doutes Twijfels hebben
Avoir du temps libre Tijd hebben
Avoir un enfant Een kind krijgen
Avoir une entreprise Een bedrijf hebben
Avoir une idée Een idee hebben
Chercher un appartement Een appartement zoeken
Croire Geloven
Célibataire Ongehuwd / alleenstaand
Divorcer Scheiden
Douter Twijfelen
Déménager Verhuizen
Emménager Intrekken
Fonder une famille Een gezin stichten
Impossible Onmogelijk
Improbable Onwaarschijnlijk
Inoubliable Onvergetelijk
Investir Investeren
L'activité bénévole Vrijwilligerswerk
L'adolescent De tiener
L'adrénaline De adrenaline
L'agence immobilière Het makelaarskantoor
L'annonce De advertentie
L'associé De vennoot
L'auto-entrepreneur De eenmanszaak / zelfstandige
L'aventure Het avontuur
L'encyclopédie De encyclopedie
L'enfance De jeugd
L'entreprise Het bedrijf
L'esthéticienne De schoonheidsspecialiste
L'ex-mari De ex-man
L'histoire Het verhaal / de geschiedenis
L'innovation De innovatie
L'institut de beauté Het schoonheidsinstituut
L'investissement De investering
L'objectif Het doel
L'usine De fabriek
L'écrivain De schrijver
La bande dessinée De strip
La biographie De biografie
La boutique De boetiek
La colocation Samenwonen / kamer delen
La librairie De boekhandel
La liste de choses à faire De takenlijst
La littérature De literatuur
La location De huur
La location de vélo De fietsverhuur
La maison de retraite Het verzorgingstehuis
La naissance De geboorte
La poésie De poëzie
La recherche documentaire Documentair onderzoek
La retraite Het pensioen
La rédaction Het schrijven / de redactie
La résidence secondaire Het tweede huis
La société De maatschappij / het bedrijf
La stratégie De strategie
La superficie De oppervlakte
La séparation Het uit elkaar gaan / de scheiding (relationeel)
La vente De verkoop
Le bijou Het sieraad
Le bouquet Het boeket
Le bébé De baby
Le bénéfice De winst
Le catalogue De catalogus
Le conte de fée Het sprookje
Le dictionnaire Het woordenboek
Le fauteuil De fauteuil / de zetel
Le fiancé De verloofde (man)
Le financement De financiering
Le fleuriste De bloemist
Le futur De toekomst
Le garage automobile De autogarage
Le journal de bord Het logboek
Le livre Het boek
Le mariage Het huwelijk
Le mécanicien De monteur
Le parfum Het parfum
Le partenaire De partner
Le plan Het plan
Le pressing De stomerij
Le primeur De groentewinkel
Le projet Het project
Le projet personnel Het persoonlijke project
Le quartier résidentiel De woonwijk
Le repos Rust
Le risque Het risico
Le roman De roman
Le rêve De droom
Le secteur De sector
Le service client De klantenservice
Le vétérinaire De dierenarts
Les charges De servicekosten
Libre Vrij
Meublé Gemeubileerd
Moderne Modern
Mourir Sterven
Naître Geboord worden / geboren worden
Possible Mogelijk
Probable Waarschijnlijk
Prêter Uitlenen
Relaxant Ontspannend
Risquer Risiceren
Réaliser Waarmaken
Réaliser son rêve Zijn droom waarmaken
Sauter en parachute Parachutespringen
Se marier Trouwen
Signer un contrat Een contract ondertekenen
Spacieux Ruim
Stressant Stressvol
Un animal de compagnie Een huisdier
Un nouveau départ Een nieuw begin
Une idée Een idee
Visiter Bezichtigen / een bezichtiging doen
Vivre en location Huren (leven in een huurwoning)
Économiser Sparen
Être divorcé Gescheiden zijn (juridisch)
Être marié Getrouwd zijn
Être séparé Gescheiden samenwonen / niet meer samenwonen