Collaborer (samenwerken) - Passé composé, indicatif (Voltooid tegenwoordige tijd, indicatief)

 Collaborer (samenwerken) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Collaborer - Vervoeging van samenwerken in het Frans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs (Passé composé, indicatif).

Passé composé, indicatif (Voltooid tegenwoordige tijd, indicatief)

Alle vervoegingen en tijden: Collaborer (samenwerken) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Leerplan: Franse les - Organisation et délégation (Organisatie en delegatie)

Vervoeging van samenwerken in de passé composé

Frans Nederlands
(je/j') ai collaboré ik heb samengewerkt
(tu) as collaboré jij hebt samengewerkt
(il/elle/on) a collaboré hij/zij/men heeft samengewerkt
(nous) avons collaboré wij hebben samengewerkt
(vous) avez collaboré u hebt samengewerkt
(ils/elles) ont collaboré zij hebben samengewerkt

Voorbeeldzinnen

Frans Nederlands
J'ai collaboré avec une autre société. Ik heb samengewerkt met een ander bedrijf.
Tu as collaboré avec méthode. Je hebt methodisch samengewerkt.
Il a collaboré de manière efficace. Hij heeft effectief samengewerkt.
Nous avons collaboré pour cette tâche. We hebben samengewerkt aan deze taak.
Vous avez collaboré efficacement dans l’équipe. U hebt effectief samengewerkt in het team.
Ils ont collaboré pour déléguer les responsabilités. Ze hebben samengewerkt om de verantwoordelijkheden te delegeren.