Collaborer (samenwerken) - Passé composé, indicatif (Voltooid tegenwoordige tijd, indicatief) Delen Gekopieerd!

Collaborer - Vervoeging van samenwerken in het Frans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs (Passé composé, indicatif).
Passé composé, indicatif (Voltooid tegenwoordige tijd, indicatief)
Alle vervoegingen en tijden: Collaborer (samenwerken) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Leerplan: Franse les - Organisation et délégation (Organisatie en delegatie)
Vervoeging van samenwerken in de passé composé
Frans | Nederlands |
---|---|
(je/j') ai collaboré | ik heb samengewerkt |
(tu) as collaboré | jij hebt samengewerkt |
(il/elle/on) a collaboré | hij/zij/men heeft samengewerkt |
(nous) avons collaboré | wij hebben samengewerkt |
(vous) avez collaboré | u hebt samengewerkt |
(ils/elles) ont collaboré | zij hebben samengewerkt |
Voorbeeldzinnen
Frans | Nederlands |
---|---|
J'ai collaboré avec une autre société. | Ik heb samengewerkt met een ander bedrijf. |
Tu as collaboré avec méthode. | Je hebt methodisch samengewerkt. |
Il a collaboré de manière efficace. | Hij heeft effectief samengewerkt. |
Nous avons collaboré pour cette tâche. | We hebben samengewerkt aan deze taak. |
Vous avez collaboré efficacement dans l’équipe. | U hebt effectief samengewerkt in het team. |
Ils ont collaboré pour déléguer les responsabilités. | Ze hebben samengewerkt om de verantwoordelijkheden te delegeren. |