Régler (regelen) - Passé composé, indicatif (Voltooid tegenwoordige tijd, indicatief) Delen Gekopieerd!

Régler - Vervoeging van régler in het Frans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de voltooid tegenwoordige tijd, indicatief (Passé composé, indicatif).
Passé composé, indicatif (Voltooid tegenwoordige tijd, indicatief)
Alle vervoegingen en tijden: Régler (regelen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Leerplan: Franse les - À l'hôtel (Op hotel)
Vervoeging van regelen in de passé composé
Frans | Nederlands |
---|---|
(je/j') ai réglé | ik heb geregeld |
(tu) as réglé | jij hebt geregeld |
(il/elle/on) a réglé | hij/zij/men heeft geregeld |
(nous) avons réglé | wij hebben geregeld |
(vous) avez réglé | u hebt geregeld |
(ils/elles) ont réglé | zij hebben geregeld |
Voorbeeldzinnen
Frans | Nederlands |
---|---|
J'ai réglé la note à la réception. | Ik heb de rekening bij de receptie betaald. |
Tu as réglé le problème rapidement. | Je hebt het probleem snel opgelost. |
Elle a réglé tout pour notre sortie. | Ze heeft alles geregeld voor onze uitgaan. |
Nous avons réglé le service de chambre. | We hebben de roomservice betaald. |
Vous avez réglé la clef à l'accueil. | U heeft de sleutel bij de receptie geregeld. |
Ils ont réglé l'ascenseur ce matin. | Ze hebben de lift vanochtend gerepareerd. |