S'appeler (zich noemen)

S'appeler (zich noemen)

Leer het werkwoord "zich noemen" te vervoegen in het Frans: tegenwoordige tijd, indicatief.

Present, indicatif (Présent, indicatief)

Alle vervoegingen en tijden: S'appeler (zich noemen)

Dire ton nom (Je naam zeggen)

Frans
(je/j') m'appelle
(tu) t'appelles
(il/elle/on) s'appelle
nous appelons
vous appelez
(ils/elles) s'appellent