Chiedere (vragen) - Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs) Delen Gekopieerd!

Chiedere - Vervoeging van vragen in het Italiaans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de tegenwoordige tijd, indicatief (Presente, indicativo).
Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Chiedere (vragen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen
Syllabus: Italiaanse les - Chiedere cose (Dingen vragen)
Vervoeging van vragen in de tegenwoordige tijd
Italiaans | Nederlands |
---|---|
(io) chiedo | ik vraag |
(tu) chiedi | jij vraagt |
(lui/lei) chiede | hij/zij vraagt |
(noi) chiediamo | wij vragen |
(voi) chiedete | jullie vragen |
(loro) chiedono | zij vragen |
Voorbeeldzinnen
Italiaans | Nederlands |
---|---|
Io chiedo quale sia la domanda corretta. | Ik vraag wat de juiste vraag is. |
Tu chiedi dove si trova l'argomento giusto. | Je vraagt waar het juiste onderwerp zich bevindt. |
Lui chiede quando dobbiamo rispondere. | Hij vraagt wanneer we moeten antwoorden. |
Noi chiediamo come si ripete la domanda. | Wij vragen hoe de vraag wordt herhaald. |
Voi chiedete quanto zucchero serve nella ricetta. | Jullie vragen hoeveel suiker er nodig is in het recept. |
Loro chiedono cosa fare per la colazione. | Ze vragen wat ze voor het ontbijt moeten doen. |