Giocare (spelen) - Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)

 Giocare (spelen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Giocare - Verbuiging van spelen in het Italiaans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de tegenwoordige tijd, indicatief (Presente, indicativo).

Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Giocare (spelen) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Syllabus: Italiaanse les - I tuoi animali domestici (Jouw huisdieren)

Vervoeging van spelen in de tegenwoordige tijd

Italiaans Nederlands
(io) gioco ik speel
(tu) giochi jij speelt
(lui/lei) gioca hij/zij speelt
(noi) giochiamo wij spelen
(voi) giocate jullie spelen
(loro) giocano zij spelen

Voorbeeldzinnen

Italiaans Nederlands
Gioco con il cane nel giardino. Ik speel met de hond in de tuin.
Giochi spesso con il gatto a casa? Jij speelt vaak met de kat thuis
L'uccello gioca vicino alla finestra. Hij/zij speelt dicht bij het raam.
Giochiamo insieme con il coniglio tranquillo. Wij spelen samen met het rustige konijn.
Giocate fuori con la tartaruga lenta. Jullie spelen buiten met de langzame schildpad.
I bambini giocano con il topo veloce. Ze spelen met de snelle muis.