Riposare (uitrusten) - Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)

 Riposare (uitrusten) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Riposare - Vervoeging van uitrusten in het Italiaans: vervoegingstabel, voorbeelden en oefeningen in de tegenwoordige tijd, aantonende wijs (Presente, indicativo).

Presente, indicativo (Tegenwoordige tijd, aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Riposare (uitrusten) - Werkwoordsvervoeging en oefeningen

Syllabus: Italiaanse les - Stati e sensazioni fisiche (Fysieke toestanden en sensaties)

Vervoeging van uitrusten in de tegenwoordige tijd

Italiaans Nederlands
(io) riposo ik rust uit
(tu) riposi jij rust uit
(lui/lei) riposa hij/zij rust uit
(noi) riposiamo wij rusten uit
(voi) riposate jullie rusten uit
(loro) riposano zij rusten uit

Voorbeeldzinnen

Italiaans Nederlands
Io riposo dopo tanta fatica oggi. Ik rust vandaag uit na zoveel inspanning.
Tu riposi quando hai molta stanchezza. Je rust uit als je heel moe bent.
Lui riposa perché è molto debole. Hij rust omdat hij erg zwak is.
Noi riposiamo per rilassarci dopo il lavoro. Wij rusten om te ontspannen na het werk.
Voi riposate bene per sentire meno dolore. Jullie rusten goed uit om minder pijn te voelen.
Loro riposano quando sentono la stanchezza. Zij rusten uit wanneer ze vermoeidheid voelen.