Komen (komen)

Komen (komen)

Leer het werkwoord "komen" te vervoegen in het Nederlands: tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)

Alle vervoegingen en tijden: Komen (komen)

Waar kom je vandaan? (Waar kom je vandaan?)

Nederlands
(ik) kom
(jij/je/u) komt/kom
(hij/zij/ze/het) komt
(wij/we) komen
(jullie) komen
(zij/ze) komen