Tellen (tellen)
Leer het werkwoord "tellen" te vervoegen in het tegenwoordig deelwoord, indicatief.
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Tellen (tellen)
Cijfers en tellen (Cijfers en tellen)
| Nederlands |
|---|
| (ik) tel |
| (jij/je/u) telt |
| (hij/zij/ze/het) telt |
| (wij/we) tellen |
| (jullie) tellen |
| (zij/ze) tellen |