Essen (eten)

Essen (eten)

Leer het werkwoord "eten" te vervoegen in het Duits: tegenwoordige tijd, onvoltooid tegenwoordige wijs

Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)

Alle vervoegingen en tijden: Essen (eten)

Tägliches Essen (Dagelijks eten)

Duits
(ich) esse
(du) isst
(er/sie/es) isst
(wir) essen
(ihr) esst
(sie) essen