Fragen (vragen)

Fragen (vragen)

Leer het werkwoord "vragen" te vervoegen in het Duits: tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Präsens, indikativ (Tegenwoordige tijd, indicatief)

Alle vervoegingen en tijden: Fragen (vragen)

Dinge fragen (Dingen vragen)

Duits
(ich) frage
(du) fragst
(er/sie/es) fragt
(wir) fragen
(ihr) fragt
(sie) fragen