Danser (dansen)

Danser (dansen)

Leer het werkwoord "dansen" te vervoegen in het Frans: voltooid tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

Passé composé, indicatif (Voltooid tegenwoordige tijd, indicatief)

Alle vervoegingen en tijden: Danser (dansen)

Sortie du vendredi soir (Vrijdagavond uit)

Frans
(je/j') j'ai dansé
tu as dansé
il/elle/on a dansé
nous avons dansé
vous avez dansé
ils/elles ont dansé