Zaaien (zaaien)
Leer het werkwoord "zaaien" te vervoegen in het Nederlands: tegenwoordige tijd continu, indicatief.
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Onvoltooid tegenwoordige tijd , aantonende wijs)
Alle vervoegingen en tijden: Zaaien (zaaien)
Kamerplanten en tuinplanten (Kamerplanten en tuinplanten)
| Nederlands |
|---|
| (ik) zaai |
| (jij/je/u) zaait/zaai |
| (hij/zij/ze/het) zaait |
| (wij/we) zaaien |
| (jullie) zaaien |
| (zij/ze) zaaien |