Dienen (servire) - Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Presente indicativo, indicativo)

 Dienen (servire) - Coniugazione dei verbi ed esercizi

Dienen - Coniugazione di servire in olandese: tabella di coniugazione, esempi ed esercizi nel presente continuo, tempo indicativo (Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs).

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT), aantonende wijs (Presente indicativo, indicativo)

Tutte le coniugazioni e i tempi: Dienen (servire) - Coniugazione dei verbi ed esercizi

Programma: lezione di olandese - Huishoudelijke apparaten (Elettrodomestici)

Coniugazione di servire al tempo presente

Olandese Italiano
(ik) dien io servo
(jij) dient/dien tu servi
(hij/zij/het) dient lui/lei/esso serve
(wij) dienen noi serviamo
(jullie) dienen voi servite
(zij) dienen loro servono

Frasi di esempio

Olandese Italiano
Ik dien het eten op de tafel. Servo il cibo sul tavolo.
Dien jij het glas aan de gasten? Servi il bicchiere agli ospiti?
Hij dient het water bij het ontbijt. Lui serve l'acqua a colazione.
Wij dienen de koffie in de woonkamer. Serviamo il caffè nel soggiorno.
Dienen jullie de borden na het eten? Servite i piatti dopo aver mangiato?
Zij dienen de soep in de eetkamer. Loro servono la zuppa in sala da pranzo.