Stoppen (fermare)

Stoppen (fermare)

Impara a coniugare il verbo "Fermare" in olandese: passato prossimo, modo indicativo.

Voltooid verleden tijd (VVT), aantonende wijs (Passato prossimo, indicativo)

Tutte le coniugazioni e i tempi: Stoppen (fermare)

Routebeschrijving vragen en geven (Chiedere e dare indicazioni)

Olandese
(ik) ben gestopt
(jij/je/u) bent gestopt / bent gestopt?
(hij/zij/ze/het) is gestopt
(wij/we) zijn gestopt
(jullie) zijn gestopt
(zij/ze) zijn gestopt